Processen

Eerder vermeldden we dat GNU/Linux een multitasking systeem is. Het kan vele taken tegelijkertijd verrichten. Iedere taak wordt een proces genoemd. De beste manier om hier gevoel voor te krijgen is achter de shell-prompt top te typen. Je zal een lijst krijgen met processen, die zijn gesorteerd naar gelang hoeveel verwerkingstijd van de computer ze gebruiken. De volgorde zal voor je ogen continue wijzigen. Bovenaan het display staat wat informatie over het systeem: hoeveel gebruikers zijn ingelogd, hoeveel processen er zijn, hoeveel geheugen je hebt en hoeveel je gebruikt.

In de meest linkse kolom, zie je de naam van de gebruiker als eigenaar van ieder proces. De meest rechtse kolom toont met welke opdracht het proces werd aangeroepen. Het zal je waarschijnlijk opvallen dat top zelf, door jou aangeroepen, vrijwel bovenaan de lijst staat (aangezien top voortdurend controleert op CPU-gebruik, zal het actief zijn en voor de controle CPU gebruiken).

Let op alle opdrachten die eindigen op d --- zoals kflushd en inetd --- de d staat voor daemon [1]. Een daemon is een niet-interactief proces, dat wil zeggen dat het door het systeem wordt gedraaid en gebruikers zich er nooit om hoeven te bekommeren. Daemons leveren services zoals een internet-verbinding, het afdrukken, of email.

Tik nu de u in en geef top je gebruikersnaam wanneer het daarom vraagt. De opdracht u vraagt alleen die processen te tonen die aan jou toebehoren; het staat je toe alle daemons en wat andere mensen dan ook aan het doen zijn, te negeren. Wellicht dat de naam van je shell, bash, je opvalt. Je zal vrijwel altijd bash aan het draaien zijn.

Merk op dat kolom twee van het top display je het PID, of Proces IDentificatie nummer toont. Aan ieder proces is een uniek PID toegekend. Je kunt het PID gebruiken om individuele processen te besturen --- hierover later meer. Een andere handige truc: typ "?" om een lijst met top opdrachten te krijgen.

Misschien dat je je afvraagt wat het verschil is tussen een "proces" en een "programma" --- in de praktijk gebruiken mensen de termen door elkaar. Technisch gezien is het programma een set instructies door een programmeur geschreven, en wordt het bewaard op disk. Het proces is de werkende instantie van het programma dat door Linux in het geheugen wordt bewaard. Maar zo belangrijk is het niet de termen strict gescheiden te houden.

Veel van je interactie met een computer heeft te maken met het besturen van processen. Je zal ze willen starten, stoppen en zien in welke staat ze zich bevinden. Je primaire hulpmiddel hiervoor is de shell.

Noten

[1]

daemon betekent van origine Disks And Extensions MONitor