Handmatig gebruiken van dpkg

De eenvoudigste manier om een enkel package te installeren dat je hebt gedownload is met de opdracht dpkg -i (als afkorting van dpkg --install). Stel dat je het package icewm_0.8.12-1.deb hebt gedownload en je het graag wilt installeren. Log eerst in als root en tik dan in:
dpkg -i icewm_0.8.12-1.deb
en icewm versie 0.8.12 zal worden geïnstalleerd. Als je reeds een oudere versie had, zal dpkg het upgraden in plaats van het naast elkaar installeren van beide versies.

Als je een package wilt verwijderen, heb je twee opties: De eerste is het meest intuïtief:
dpkg -r icewm
Hiermee zal het package icewm worden verwijderd (-r is een afkorting voor --remove). Je geeft bij --remove alleen 'icewm' op, terwijl --install de volledige .deb vereist.

--remove zal configuratiebestanden voor het package op je systeem achterlaten. Een configuratiebestand is gedefinieerd als ieder bestand dat je mogelijk hebt gewijzigd om het programma voor je systeem of je voorkeuren aan te passen. Op deze manier hoef je alles geen tweede keer in te stellen, als je het package later herinstalleert.

Het kan echter zijn dat je ook de configuratiebestanden wilt verwijderen, dus dpkg voorziet ook in een --purge optie. dpkg --purge icewm zal alle laatste bestanden geassocieerd met het icewm package permanent verwijderen.