De aanbevolen manier om Unix te leren is wat te lezen, en dan wat te spelen. Blijf er net zolang mee spelen totdat je je op je gemak voelt met de concepten en begin dan je weg door het boek te banen. Je zult een diversiteit aan behandelde onderwerpen aantreffen, waarvan je er een aantal interessant zult vinden en een aantal die je saai zult vinden. Na een tijdje zul je je zo goed op je gemak voelen dat je opdrachten zult gaan gebruiken zonder exact te weten wat ze zullen doen. Dit is een goede zaak.
Wat de meeste mensen als Unix beschouwen is de Unix-shell, een speciaal programma dat opdrachten interpreteert. Het is het programma dat de vanzelfsprekende "look and feel" van Unix bestuurt. In de praktijk is dit een prima manier om ernaar te kijken, maar je zou je er bewust van moeten zijn dat Unix uit echt veel meer dan dat bestaat. In dit boek wordt je wegwijs gemaakt in het gebruik van de shell als ook in een aantal andere programma's waarmee Unix gewoonlijk wordt geleverd en over een aantal programma's waarmee Unix niet altijd wordt geleverd (maar Linux gewoonlijk wel).
Het huidige hoofdstuk is een meta-hoofdstuk, het bespreekt dit boek en hoe dit boek toe te passen om het werk gedaan te krijgen. Hieronder volgt een overzicht van de inhoud van de andere hoofdstukken:
gaat over de afkomst van Unix en Linux, en waar ze wellicht toe leiden. Het gaat ook over de Free Software Foundation en het GNU Project.
gaat over het starten en stoppen van je computer, en wat er op die momenten gebeurt. Veel ervan gaat over onderwerpen die niet nodig zijn voor het gebruik van Linux, maar nog steeds erg bruikbaar en interessant zijn.
is een introductie tot de Unix-shell. Dit is waar mensen in werkelijkheid werken, en programma's draaien. Het gaat over de basisprogramma's en opdrachten die je moet kennen om Unix te gebruiken.
behandelt het X Window Systeem. X is de primaire grafische front-end voor Unix, en een aantal distributies stellen het standaard in.
behandelt een aantal van de meer geavanceerde onderdelen van de Unix-shell. Het leren van de technieken beschreven in dit hoofdstuk zal je helpen efficiënter te werken.
bevat beknopte beschrijvingen van diverse Unix-opdrachten. Hoe meer tools een gebruiker weet te gebruiken, des te sneller zal hij zijn werk gedaan krijgen.
beschrijft de Emacs teksteditor. Emacs is een zeer groot programma waarin veel Unix-tools in één interface zijn geïntegreerd.
gaat over manieren om het Unix-systeem naar je persoonlijke smaak aan te passen.
onderzoekt de wijzen waarop een Unix-gebruiker met andere machines over de gehele wereld kan communiceren, waaronder elektronische mail en het World Wide Web.
beschrijft een aantal van de grotere, moeilijkere te gebruiken opdrachten.
gaat over makkelijke manieren om fouten in Unix en Linux te voorkomen.