(jonas@gnu.org)
Vertaald door Ellen Bokhorst (bokkie@nl.linux.org)
JWHOIS is een Internet Whois client die hosts om informatie vraagt overeenkomstig RFC 954 - NICNAME/WHOIS. JWHOIS wordt geconfigureerd via een configuratiebestand met informatie over alle bekende Whois servers. Bij de uitvoering wordt de te ondervragen host geselecteerd gebaseerd op de informatie in het configuratiebestand.
Het configuratiebestand is aanpasbaar en hierin wordt veel gebruik gemaakt van reguliere expressies.
JWHOIS maakt gebruik van de volgende opdrachtregelopties:
In de query kan optioneel het teken `@' gevolgd door een hostnaam worden opgenomen het zoeken op die host te richten. Dit werkt exact zo als het opgeven van de host met `--host'.
RIPE (Réseaux IP Européens) heeft een aantal opties gedefinieerd die kunnen worden gebruikt met een RIPE-compatibele whois server (ripe.net, apnic.net en anderen) Helaas is er geen enkele manier om erachter te komen of een host waarmee we een verbinding tot stand brengen wel of niet RIPE-compatibel is. RIPE extensies worden daarom niet direct verenigd in de JWHOIS client. Een lijst met de opties is te vinden in het RIPE document 157 die je op kunt halen van de RIPE ftp-server ftp://ftp.ripe.net/ripe/docs/.
Het is mogelijk deze opties samen met JWHOIS te gebruiken door het formaat van de query iets aan te passen. Als je naar alle entries in de RIPE database zou gaan zoeken die een opsomming geven van de admin-c, tech-c of zone-c als CO19-RIPE, dan zou je de volgende opdrachtsyntax kunnen gebruiken:
$ jwhois -h whois.ripe.net -- -i admin-c,tech-c,zone-c CO19-RIPE
`--' wordt gebruikt om de RIPE opties van de jwhois opties te onderscheiden.
JWHOIS is configurabel via het configuratiebestand, normaal gesproken `jwhois.conf' genoemd. Dit bestand wordt opgezocht in de sysconfdir die werd gespecificeerd bij het compileren van het programma (de standaardwaarde is op de meeste systemen `/usr/local/etc/').
Als er geen configuratiebestand is te vinden dan zal JWHOIS standaard alle query's zenden naar whois.internic.net.
Een voorbeeld van een configuratiebestand waarin de meeste bekende Whois
servers zijn opgenomen is te vinden in de subdirectory
example van de officiele distributie.
Het configuratiebestand is in een aantal blokken opgesplitst. Ieder blok kan een aantal verschillende opties bevatten die in de secties hieronder worden uitgelegd. Je kunt ook aan een overzicht van de syntax komen door het voorbeeldconfiguratiebestand te bekijken dat in de distributie is opgenomen.
De enige beschikbare globale opties zijn gerelateerd aan de faciliteiten van de cache in jwhois See section 8. Cache Functionaliteit. Standaard is de lokatie van het configuratiebestand `/usr/local/var/jwhois.db', maar dit kan bij het compileren worden gewijzigd. De optie @option{cachefile} wijzigt ook de lokatie.
De standaardvervaltijd voor alle in de cache geplaatste objecten is 7 dagen (168 uren). Dit kan worden gewijzigd met de optie @option{cacheexpire}. De waarde is het aantal uren dat objecten als actueel worden aangemerkt.
Voorbeeld:
cachefile = "/var/lib/jwhois.db"; cacheexpire = 168;
Bij het samenstellen van een query kijkt JWHOIS naar het @option{whois-servers} blok om vast te stellen naar welke host de query te versturen. De optie @option{type} kan worden gezet om tussen verschillende soorten overeenkomsten te wisselen; @option{cidr} of @option{regex}.
@option{regex} overeenkomsten door gebruik te maken van standaard reguliere expressies. @option{cidr} overeenkomsten door gebruik te maken van CIDR net blocks.
De waarde van alle objecten kan één van twee vormen aannemen. Of een hostnaam of de speciale optie @option{struct}. De laatste vraagt JWHOIS naar een ander optie blok in het configuratiebestand te zoeken.
Bij een overeenkomst met gebruik van CIDR net blocks, kan de sleutel de speciale waarde @option{default} aannemen die met alles overeenkomt.
whois-servers {
type = regex;
".*-[A-Z]+$" = "struct handles";
".*" = "whois.internic.net";
};
handles {
type = regex;
".*-RIPE$" = "whois.ripe.net";
default = "whois.arin.net";
};
@option{content-redirect} is een speciaal blok ontworpen om de uitvoer geretourneerd door een Whois server te verwerken op zoek naar speciale reguliere expressies en dan dezelfde query naar de Whois server verkregen vanuit de reguliere expressie te sturen.
De sleutelwaarde is de naam van de Whoisserver waar deze expressie op van toepassing is. Deze wordt gematcht met reguliere expressies. De waarde is de regexp waar in de uitvoer naar wordt gezocht met de hostnaam en het optionele poortnummer omsloten door zogenoemde subexpressies of groepen.
content-redirect {
".*" = ".*Whois Server: \\(.*\\)";
};
JWHOIS implementeert ondersteuning voor het beheren van een cache met Whois data ontvangen van Whois servers. Dit is standaard NIET geactiveerd maar moet specifiek in de client worden gecompileerd. Het ontwerp is zodanig dat door de client een centrale database wordt onderhouden en omdat alle gebruikers die database zouden moeten kunnen benaderen, moet voor het programma de set-group-on-execution bit zijn gezet en moet de database voor de groep zowel leesbaar als beschrijfbaar zijn.
De beschikbare configuratieopties zijn CACHEFILE en CACHEEXPIRE waarmee de bestandsnaam van de database en de vervaltijd voor het in de cache geplaatste object wordt ingesteld. Wanneer een object in de cache is verlopen, wordt het de volgende keer wanneer daarom wordt verzocht opnieuw opgehaald vanaf de Whois server. De vervaltijd wordt in uren gemeten.
Email foutverslagen naar bug-jwhois@gnu.org.
This document was generated on 3 May 2003 using texi2html 1.56k.